PDF Print E-mail

Spiritualiteit in het dagelijks leven II

Zen : transmissie, verlichting, beoefening en religie

Nico Tydeman

plaatjes van de os nr 6 Wat in deze algemene inleiding in het zenboeddhisme ter sprake komt:

I. Zenboeddhisme betreft een ‘transmissie’ van hart tot hart, van leraar op leerling. Wat deze overlevering inhoudt en hoe dit werkt in de praktijk, wordt getoond aan de hand van de Sandokai, een belangrijke zentekst uit de achtste eeuw over ‘de identiteit van eenheid en veelheid’.

II. De verschillende historische lagen van de zentraditie: leven en leer van de Boeddha (de palicanon), het mahayana (sunyata en het bodhisattva-pad), de Chinese transformatie van het boeddhisme (het aardse), de Japanse invloed (formalisme met enkele grote uitzonderingen). Hoe ontvangen wij hier in Nederland anno 2008 de Dharma?

III. Drie betekenissen van ‘verlichting’: 1. De werkelijkheid, zoals zij is, brengt ons verlichting; 2. Verlichting als ervaring en inzicht; 3. Verlicht gedrag (bevrijdende communicatie).

IV. Dogen Zenji (1200 – 1254) : leraar, dichter, denker. Enkele hoofdpunten van zijn leer, vooral met betrekking tot de contemplatieve beoefening van zazen (tijdloos, beeldloos, belangeloos en doelloos). Twee essays uit de Shobogenzo: over ‘onafgebroken beoefening’ en ‘de wonderen’ (van de patriarchen ).

V. Wat kan de zentraditie ons leren over ‘religie’; een bijdrage aan het hedendaagse debat over de plaats en de functie van religie. Over evolutie, kennis van de religies, symbolisch verstaan en de relatieve eensgezindheid van de mystieke scholen. De toekomstige religieuze mens is een mysticus. Hij of zij beoefent contemplatie en houdt zich aan het voorschrift ‘geen geweld’.